Het web is gebouwd voor mensen — AI-agents hebben een ander protocol nodig
Websites zijn ontworpen voor menselijke interactie: je klikt, scrolt, vult formulieren in en navigeert door menu's. AI-agents — autonome systemen die namens jou taken uitvoeren — moeten datzelfde web gebruiken, maar dan zonder ogen. Ze interpreteren HTML, raden knoppen, en hopen dat de structuur klopt. Dat is fragiel, traag en foutgevoelig.
Google wil dat veranderen met WebMCP: een standaard die websites een gestructureerde manier biedt om tools aan te bieden aan AI-agents. Geen scraping meer, geen DOM-analyse, maar een helder protocol dat zegt: "dit zijn de acties die je hier kunt uitvoeren."
Wat is WebMCP?
WebMCP staat voor Web Model Context Protocol. Het bouwt voort op het bestaande MCP-protocol — een open standaard voor het verbinden van AI-modellen met externe tools en databronnen. Waar MCP zich richt op server-side integraties (denk aan API's en databases), richt WebMCP zich specifiek op het web: hoe kan een website aan een AI-agent vertellen wat er mogelijk is?
De kern van WebMCP is simpel: in plaats van dat een AI-agent moet raden wat er op een pagina staat en welke knoppen hij moet klikken, publiceert de website een set gestructureerde tools. De agent leest die tools, begrijpt wat ze doen, en voert ze direct uit.
Goed om te weten: Google benadrukt zelf dat WebMCP geen uitbreiding of vervanging van MCP is. De twee vullen elkaar aan: een MCP-server is altijd en overal bereikbaar, WebMCP werkt alleen terwijl iemand je pagina open heeft. Wanneer je welke kiest — en hoe je klanten via een publieke MCP-server met je dienst kunnen praten — lees je in MCP vs WebMCP.
Twee API's: declaratief en imperatief
WebMCP introduceert twee manieren om tools aan te bieden:
Declarative API
De declaratieve API maakt gebruik van standaard HTML-formulieren. Als je website al formulieren heeft (contactformulier, zoekfunctie, checkout), dan kan WebMCP deze herkenbaar maken voor AI-agents. Je beschrijft wat het formulier doet, welke velden er zijn en wat de verwachte output is — en de agent kan het formulier direct invullen en versturen zonder de pagina visueel te interpreteren.
Dit is de laagdrempeligste manier om je site agent-ready te maken: je bouwt voort op wat er al staat.
Imperative API
Voor complexere interacties — denk aan dynamische filters, multi-step wizards of acties die JavaScript vereisen — biedt de imperatieve API meer flexibiliteit. Hiermee definieer je custom tools die de agent kan aanroepen, los van de HTML-structuur van je pagina.
Dit is krachtiger maar vereist meer implementatie-werk. Ideaal voor webapplicaties met rijke functionaliteit die niet in een simpel formulier past.
Concrete use cases
Google beschrijft drie scenario's die laten zien waar WebMCP het verschil maakt:
- Klantenservice — Een AI-agent die namens de gebruiker een support ticket aanmaakt. In plaats van het contactformulier te zoeken, de juiste velden te identificeren en in te vullen, roept de agent de "create ticket"-tool aan met de juiste parameters. Betrouwbaar, snel, geen fouten door veranderende HTML.
- E-commerce — Productontdekking en checkout. De agent zoekt producten via gestructureerde queries, vergelijkt opties en doorloopt het bestelproces — zonder dat hij door productpagina's hoeft te navigeren en knoppen hoeft te klikken.
- Reisboeking — Vluchten zoeken, filteren op criteria en een reservering plaatsen. Complexe multi-step interacties die via WebMCP terug te brengen zijn tot een reeks gestructureerde tool-aanroepen.
Waarom dit belangrijk is voor webapplicatie-eigenaren
De manier waarop mensen het web gebruiken verandert. Steeds vaker laten gebruikers AI-assistenten taken uitvoeren: "boek een vlucht", "bestel dit product", "maak een support ticket aan". Als jouw website niet begrijpelijk is voor die agents, mis je interacties.
WebMCP is in feite de SEO van het AI-tijdperk. Zoals je website vindbaar moet zijn voor zoekmachines, moet je website bruikbaar worden voor AI-agents. Niet door je hele architectuur om te gooien, maar door gestructureerde tools aan te bieden naast je bestaande interface.
De parallel met API-first denken
Als je software al een goede API-laag heeft, ben je al halverwege. WebMCP bouwt in essentie voort op hetzelfde principe: je business logic beschikbaar maken via gestructureerde interfaces. Het verschil is dat WebMCP specifiek ontworpen is voor AI-agents: de toolbeschrijvingen bevatten context die een LLM begrijpt, niet alleen technische specificaties.
Hoe ver is WebMCP nu?
WebMCP is sinds juni 2026 beschikbaar als origin trial in Chrome 149. De standaard wordt samen met Microsoft ontwikkeld binnen het W3C, en er is al een Model Context Tool Inspector beschikbaar in de Chrome Web Store waarmee je geregistreerde tools kunt inspecteren en debuggen. Firefox en Safari zijn betrokken bij het specificatieproces, maar hebben nog geen implementatietijdlijn aangekondigd. Het is het juiste moment om:
- Te experimenteren — Activeer de origin trial in Chrome 149 en test hoe je site werkt met AI-agents.
- Je architectuur te evalueren — Heb je een schone API-laag? Zijn je formulieren gestructureerd? Dan ben je straks snel agent-ready.
- Cross-browser ondersteuning af te wachten — De spec kan nog veranderen. Bouw je architectuur agent-ready, maar ga nog niet all-in op WebMCP-specifieke features.
In de praktijk: WebMCP op coding.agency
We hebben beide API's op onze eigen site in gebruik. Imperatief: de prijsindicatie en het zoeken in de kennisbank worden als tool geregistreerd. Die tools zijn niet opnieuw geschreven: een klein script haalt de toollijst op bij onze MCP-server en geeft elke aanroep daaraan door. Declaratief: het contactformulier heeft een toolname en een tooldescription, en elk veld een omschrijving. Een agent kan het formulier invullen, maar het wordt bewust niet automatisch verstuurd; de bezoeker controleert en klikt zelf op verzenden.
Twee dingen vielen op. De declaratieve API kostte een handvol HTML-attributen op een formulier dat er al stond. En de imperatieve laag is klein gebleven omdat de logica al op de server stond. Wie een ingewikkeld formulier of een configurator heeft, begint het makkelijkst declaratief; wie al een MCP-server heeft, hergebruikt die.
De bredere trend: het agent-ready web
WebMCP staat niet op zichzelf. Het past in een bredere beweging waarin het web zich aanpast aan AI-agents als nieuwe gebruikers. Denk aan:
- MCP (Model Context Protocol) — De server-side standaard voor AI-tool-integraties, waar WebMCP op voortbouwt.
- Structured data (Schema.org) — Al jaren de manier om zoekmachines te helpen je content te begrijpen. WebMCP doet hetzelfde, maar dan voor acties in plaats van informatie.
- AI-agents in browsers — Chrome, Edge en andere browsers bouwen native agent-functionaliteit in. WebMCP geeft die agents een betrouwbaar protocol om mee te werken.
Voor organisaties die nu software laten bouwen is het advies duidelijk: bouw met de toekomst in gedachten. Een schone architectuur, goede API's en gestructureerde interfaces zijn niet alleen goed voor je huidige gebruikers — ze maken je klaar voor de AI-agents die straks namens je klanten handelen.
Conclusie
WebMCP is een veelbelovende stap richting een web dat niet alleen door mensen, maar ook door AI-agents effectief gebruikt kan worden. De standaard is nog jong, maar de richting is duidelijk: websites die gestructureerde tools aanbieden, worden beter bediend door AI-assistenten.
Of je nu een webshop, SaaS-platform of klantenportaal hebt: het loont om je architectuur nu al zo in te richten dat je straks eenvoudig agent-ready wordt. Een goede API-laag, gestructureerde formulieren en heldere toolbeschrijvingen zijn de basis. Wij helpen je graag om die basis neer te zetten.